Klimaatverandering heeft invloed op ons allemaal. Wateroverlast in de straat, extreme hitte(stress) en alles verdorrende droogte: de gevolgen worden steeds zichtbaarder. Om daar goed mee om te gaan, moeten we weten waar de kwetsbaarheden liggen en welke maatregelen we kunnen nemen. En dat beoogt het ministerie van Infrastructuur en Waterstaat (IenW) met het Delta Programma Ruimtelijke Adaptatie (DPRA). Dit programma heeft als doel om de gevolgen van vier voornaamste klimaatrisico’s (wateroverlast, overstroming, droogte, hittestress) zoveel mogelijk te beperken.
De stip op de horizon? Nederland in 2050 klimaatbestendig en waterrobuust. Maar, hoe vul je dat abstracte doel en de weg daar naartoe in? Daarvoor zijn er 45 werkregio’s in het leven geroepen, waarin gemeenten en waterschappen samenwerken de stappen en doelen in het DPRA te bereiken.
Zo ook het klimaatportaal Zuidoost-Brabant (ZOB), een samenwerking tussen Waterschap de Dommel en de gemeenten Bergeijk, Bladel, Cranendonck, Eersel, Eindhoven, Geldrop-Mierlo, Heeze-Leende, Nuenen, Reusel-de Mierden, Son en Breugel, Valkenswaard, Veldhoven en Waalre. Facet ondersteunt deze werkregio door het formuleren en opstellen van een generieke uitvraag voor klimaatstresstesten in deze regio.
Wat zijn klimaatstresstesten?
Een klimaatstresstest is een analyse die kwetsbaarheden (voor wateroverlast, droogte, hittestress en overstromingen) identificeert op basis van klimaatscenario’s. De stresstest combineert data over het klimaat met de gevoeligheid van objecten en functies in een gebied. Hierdoor worden de knelpunten inzichtelijk, een neutrale basis voor een goede dialoog en aanpak van deze risico’s, en daarmee de vervolgstappen beschreven in het DPRA.
Waarom is onze hulp nodig?
Het DPRA is een relatief nieuw kader. In zeven stappen wordt beschreven hoe we toewerken naar een klimaatbestendig Nederland. De eerste stappen zijn het uitvoeren van een klimaatstresstest, het op basis daarvan voeren van klimaatrisicodialogen, om te komen tot een goede uitvoeringagenda. Het doel is om deze stappen iedere vijf jaar te herhalen, om ieder keer nieuwe gegevens en mogelijkheden te kunnen benutten.
De eerste DPRA-cyclus startte 2018, en bracht veel ‘kinderziektes’ aan het licht voor alle samenwerkende partijen. Er is te weinig échte verandering te bemerken. Kwetsbaarheden komen wel in beeld, maar echt impact maken lukt nog weinig. En dat heeft zeker te maken met de complexiteit en technische inslag van veel klimaatstresstesten. De inhoud klopt, maar is niet bruikbaar. In deze nieuwe cyclus, die vorig jaar van start is gegaan, hopen veel partijen te leren van eerdere ervaringen om te komen tot een veel effectieve aanpak in de praktijk.
De aanpak van Facet
Als Facet streven we altijd naar échte impact, van visie naar beleid tot uitvoering. We zijn daarom erg bedreven in proces- en stakeholdermanagent binnen allerlei inhoudelijke expertises. Zo ook op het gebied van klimaatadaptatie. We weten wat er nodig is voor een goede dialoog over én een doelmatig aanpak van klimaateffecten. Maar, om dat te bereiken moet de klimaatstresstest daar wel de juiste basis voor bieden. Daarom zorgen wij voor het Klimaatportaal ZOB voor een generiek uitvraagdocument voor de bureaus die klimaatstresstesten gaan uitvoeren. Een die ervoor zorgt dat praktische en bruikbare informatie beschikbaar komt voor alle partners die aan de slag gaan met klimaatadaptatie, van technisch specialisten tot inwoners.
Dit document is zó ingericht dat het alle gemeenten dezelfde degelijke basis biedt, maar ook ruimte laat voor lokale behoeften en prioriteiten. We zorgen bovendien dat we niet alleen de ‘verplichte’ water- en riooltechnische aspecten meenemen, maar ook andere relevante disciplines zoals ruimtelijke ordening en biodiversiteit. Dit maakt de stresstesten meer integraal, wat essentieel is in het creëren van klimaatbestendige oplossingen die alle karakteristieken en uitdagingen van het gebied meenemen.
De grootste uitdagingen
- Generiek én specifiek: gemeenten hebben overlappende en van elkaar verschillende behoeften. Eén document voor toepassing in verschillende contexten is daarmee een grote uitdaging. Continue (door)vragen en (on)gevraagd advies geven is de sleutel tot succes.
- Van theorie naar uitvoering: technische inhoud doet de harten van veel gemeentelijke specialisten sneller kloppen, maar zet niet universeel aan tot actie. De juiste theorie zo verpakken dat iedere binnen en buiten de gemeenten hem snapt, is een voorwaarde om te komen tot uitvoering.
- Alle kikkers in de kruiwagen: signalen oppikken, zorgen benoemen, (lichaams)taal lezen, positieve voortgang behouden: procesmanagement gaat over het begrijpen van én handelen naar ieders perspectief. De kikkers houd je namelijk alleen in de kruiwagen als iedereen het gevoel heeft dat die kruiwagen gaat naar waar zij naartoe zouden willen.
Impact en meerwaarde
Het doel van dit traject is om gemeenten een tool te geven om zelfstandig, in samenwerking met professionals en de gemeenschap tot effectieve klimaatadaptatieplannen te komen. Concreet is die tool een generiek, uitgebreid kader voor uitvoerders van de klimaatstresstesten. Zo zorgen we dat de basis klopt én geschikt is voor meer dan theorie alleen. Dit kader zorgt ervoor dat alle gemeenten in Zuidoost Brabant op dezelfde basis starten. Door daarmee de samenwerking tussen water- en rioolexperts, gemeentelijke ambtenaren, specialisten, bestuurders, inwoners en alle andere stakeholders te bevorderen wordt idaliter een breed gedragen plan van aanpak per gemeente ontwikkeld dat werkt voor de hele regio.
Wat we leren
De les die dit project wederom bevestigt is duidelijk: maak het proces en de inhoud praktisch toepasbaar en toegankelijk voor iedereen. Klimaatstresstesten moeten niet alleen prikkelend en bruikbaar zijn voor experts, maar ook voor andere betrokkenen die met klimaatverandering te maken krijgen, zoals bestuurders en inwoners. Immers, zij zijn vaak diegenen die actie moeten ondernemen en dingen anders moeten gaan bekijken. Het succes van dit project hangt daarom af van het vermogen om complexe informatie begrijpelijk en bruikbaar te maken voor een breed publiek, en daarin ook je (zeer technisch zeer onderlegde) opdrachtgevers aan boord te houden. Alleen zo werk je effectief samen aan de toekomst en de leefbaarheid van de regio.
Wil je meer weten?
Silvia Verkroost Adviseur