Ashis Brahma is forensisch arts en spreker, actief op het snijvlak van medische praktijk en maatschappelijke vraagstukken. In zijn werk staat niet alleen het onderzoeken van overlijden centraal, maar vooral het begrijpen van de verhalen achter mensenlevens.
Als spreker richt hij zich op thema’s als bewustzijn, samenwerking en de balans tussen technologie en menselijkheid. Zijn drijfveer is het tegengaan van onverschilligheid en het versterken van verbinding, met als overtuiging dat echte vooruitgang ontstaat door te luisteren en samen te werken.
Waar zet je je dagelijks voor in? “Voor groei, persoonlijke groei. En om iets te kunnen betekenen voor deze aardkloot, inclusief alle vormen van leven en niet leven.”
Het antwoord van Ashis Brahma komt rustig, maar doordacht. Het typeert de manier waarop hij naar de wereld kijkt. Als forensisch arts bevindt hij zich dagelijks op het snijvlak van leven en dood. Tegelijkertijd is hij spreker, denker en verbinder. In die combinatie zoekt hij voortdurend naar betekenis, naar patronen en naar wat mensen met elkaar verbindt.
Arts zijn als levenskunst
“Ik denk dat het voordeel van arts zijn is dat je heel veel, vooral mooie verhalen mag verzamelen. Als je je daarvoor openstelt, krijg je ook de mooiste verhalen terug.” Volgens Brahma gaat het vak van arts verder dan medische kennis alleen. “Het woord arts is ook het meervoud van kunst. Het is een levenskunst om een goed mens te zijn. En niet alleen dat, ook om een goed arts te zijn.” In zijn werk als forensisch arts komt hij achter voordeuren, in situaties die voor de meeste mensen verborgen blijven. Daar ziet hij niet alleen het einde van levens, maar vooral de verhalen die daaraan voorafgingen. “Je ziet hoe mensen hebben geleefd, hoe ze zijn gevonden, wat er om hen heen is. Dat zijn verhalen. En die verhalen zeggen iets over hoe wij samenleven.”
Luisteren als fundament
De combinatie van arts en spreker is voor hem logisch. “Eigenlijk moet je als arts eerst een luisteraar zijn. Je moet begrijpen wat iemand zegt, maar vooral voelen wat iemand bedoelt. Pas daarna kun je iets teruggeven.” Volgens Brahma is dat iets wat in de samenleving onder druk staat. “We zijn gewend geraakt om snel te reageren. Om meteen een mening te hebben. Maar echte dialoog begint met luisteren. Dat geldt in de zorg, maar net zo goed in beleid, in organisaties en in de samenleving als geheel.”
De toekomst van de zorg
Wanneer het gesprek verschuift naar de toekomst van de zorg, wordt hij analytischer. “We kijken nog onvoldoende naar demografie. Nederland vergrijst en ontgroent tegelijk. Mensen worden ouder, maar er zijn minder jongeren om voor hen te zorgen.” Hij schetst de consequenties scherp. “Als we migratie beperken en tegelijkertijd technologische ontwikkelingen niet versneld omarmen, dan krijgen we een groot tekort aan mensen in de zorg. Dat is geen mening, dat is een rekensom.”
Tegelijkertijd ziet hij dat we het probleem breder moeten benaderen. “We leven langer, maar ook langer ongezond. Er is een verschil tussen lifespan en healthspan. En die laatste blijft achter. Dat betekent dat mensen langer zorg nodig hebben.”
Technologie als onderdeel van de oplossing
Technologie speelt volgens hem een belangrijke rol, maar is geen wondermiddel. “Er is geen golden bullet. Het is een optelsom van maatregelen.” In zijn eigen werk gebruikt hij technologie al actief. “Ik ben veel onderweg. Ik dicteer mijn verslagen en gebruik systemen die dat omzetten naar tekst. Die bewerk ik vervolgens. Dat helpt mij om efficiënter te werken.” Maar hij ziet ook risico’s. “Als je niet oppast, maakt technologie je lui. Intellectueel lui. Je moet blijven nadenken, blijven creëren. Anders kom je uit op middelmatigheid.” Wat hem betreft ligt de sleutel in balans. “Technology en humanity moeten hand in hand gaan. De machine kan ondersteunen, maar de mens moet richting geven.”
Wat hem drijft
Op de vraag wat hem inspireert, noemt hij veel. “Mensen, dieren, kunst, gesprekken, eten, liefde.” Maar zijn diepste drijfveer zit ergens anders. “Onrecht. Wat ik onuitstaanbaar vind is onverschilligheid. Het tegenovergestelde van liefde is voor mij niet haat, maar indifferentie.” Die overtuiging is gevormd door zijn persoonlijke achtergrond. “Ik heb het privilege gehad om onderwijs te volgen en arts te worden. Maar ik heb ook gezien hoe leeftijdsgenoten in India onder totaal andere omstandigheden opgroeiden. Dat besef blijft.” Hij vertelt hoe hij als kind zag dat anderen minder kansen hadden. “Dat maakt je niet per se een beter mens, maar het maakt je wel bewuster. En dat bewustzijn brengt ook verantwoordelijkheid met zich mee.”
Verwondering als kracht
Brahma spreekt liever over verwondering dan over verbazing. “Het leven kan heel mooi zijn. Maar we zijn geneigd om negatieve ervaringen zwaarder te laten wegen dan positieve.” Hij herkent dat ook bij zichzelf. “Als iemand me afsnijdt in het verkeer, blijft dat hangen. Terwijl vijf mensen me misschien net hebben laten voorgaan. Dat zegt iets over hoe wij als mens zijn geprogrammeerd.” Volgens hem vraagt dat om bewustwording. “Je moet actief oefenen om het goede te blijven zien. Dat is geen naïviteit, dat is training.”
Samenleving en verbinding
Wat moeten we behouden in onze samenleving? “Het vermogen om naar elkaar te luisteren en van elkaar te leren. Van jong en oud. We zitten te veel in onze eigen bubbels.” Hij pleit voor meer verbinding tussen verschillende groepen. “Dat je op een sportvereniging naast een loodgieter en een professor staat. Dat soort ontmoetingen zijn belangrijk. Daar ontstaat begrip.” Hij ziet ook dat die verbinding onder druk staat. “We organiseren ons steeds meer in losse eilandjes. Terwijl de kracht juist zit in het samenbrengen van perspectieven.”
Samenwerken als sleutel
De slogan ‘de toekomst vormen we samen’ sluit naadloos aan bij zijn visie. “Ik heb nog nooit gezien dat een groep mensen samen minder weet dan diezelfde groep individueel. Het tegenovergestelde is waar. Samen weet je altijd meer.” Volgens hem vraagt dat om een andere manier van werken. “We moeten meer integraal denken. Niet vanuit één discipline, maar vanuit meerdere perspectieven tegelijk.” Hij trekt de parallel naar organisaties en overheden. “Veel vraagstukken, zoals duurzaamheid of zorg, zijn per definitie domeinoverstijgend. Die kun je niet oplossen vanuit één afdeling.”
Impact maken begint klein
Op de vraag hoe je daadwerkelijk impact maakt, blijft hij dicht bij de basis. “Het begint met elkaar ontmoeten. Samen eten, samen praten, elkaar leren kennen.” Van daaruit ontstaat volgens hem beweging. “Je moet eerst begrijpen wat iemand drijft. Wat iemands diepste motivatie is. Pas dan kun je samen iets opbouwen.” Hij ziet zichzelf daarin als iemand die ideeën zaait. “Ik plant zaadjes. Niet alles hoeft te groeien. Maar soms zit er iets tussen dat echt impact maakt.”
Spel als manier van vooruitgang
Zijn afsluitende gedachte is kenmerkend. “We moeten meer spelen. De mens is van nature een spelend wezen. Door te spelen, te experimenteren, kom je verder.” Volgens Brahma zit daar ook een belangrijke les voor organisaties. “We nemen onszelf vaak te serieus. Terwijl juist in het experiment, in het proberen, de vernieuwing zit.” De toekomst vraagt volgens hem niet alleen om kennis en technologie, maar vooral om menselijkheid. “Luisteren, verbinden, bewustzijn. Dat zijn de dingen die het verschil maken.”
En misschien is dat wel de kern van zijn verhaal. Dat vooruitgang niet alleen zit in systemen en structuren, maar in hoe mensen met elkaar omgaan.
Meer weten?
Maarten van Ham Adviseur